Geboorte





  • Anticonceptie
    Voor vrouwelijke dieren bestaan er verschillende vormen van anticonceptie. Wanneer het dier voor het eerst in cyclus komt wordt ze vruchtbaar. Katten worden krols tussen vijf en zeven maanden, dit om de drie à vier maand en honden worden loops rond de leeftijd van een half jaar, gedurende drie weken om het half jaar. Vanaf deze leeftijd worden de dieren regelmatig vruchtbaar en oefenen dan een aantrekkingskracht uit op de mannelijke dieren. Honden die loops zijn kunnen makkelijk in de gaten gehouden worden zodat een onverwachtse dekking niet plaats vindt. Bij katten is dit moeilijker indien ze ook buiten lopen. De kat gedurende de krolsheid binnenhouden is een mogelijkheid. Er moet goed op gelet worden dat de dieren niet onverwachts naar buiten glippen en een mogelijke partner tegenkomen. Om er zeker van te zijn dat uw huisdier niet onverwachts zwanger geraakt bestaan er gelukkig middeltjes. Zo bestaat voor de kat de pil, de dieren worden hierdoor niet krols en zijn dus niet vruchtbaar. Deze pil moet aan het dier worden toegediend, rechtstreeks in de mond. Er bestaan pillen die om de week gegeven moeten worden of om de twee weken. Een voorschriftje en wat specifiekere uitleg over de pil voor uw dier is te verkrijgen bij de dierenarts.

    Bij de dierenarts kan het dier ook een inspuiting krijgen met de prikpil, deze bestaat voor honden en katten. Na een inspuiting wordt het dier een half jaar onvruchtbaar. Deze inspuiting wordt door de dierenarts zelf geplaatst. Wanneer u merkt dat uw hond toch per ongeluk gedekt is kan hiervoor de morning-afterprikpil gegeven worden. Dit moet op 3 en 5 dagen na de dekking ingespoten worden in het dier.

    Een permanente oplossing bestaat erin om uw dier te laten castreren. Meer hierover onder de puntjes sterilisatie en castratie.




    Wanneer een mannelijke hond of kat minimum een half jaar oud is kan deze operatief onvruchtbaar gemaakt worden. Ook konijnen, fretjes, cavia's, enz. kunnen gecastreerd worden. Bij een castratie worden de teelballen van het dier verwijderd. Bij een kat is dit een kleine ingreep, bij honden, konijnen, fretjes, enz. is deze zwaarder voor de dieren. Na de ingreep zullen de dieren niet meer in staat zijn vrouwelijke dieren te bevruchten. Deze ingreep is permanent en onomkeerbaar. Wees dus zeker dat u met uw dier niet verder wil fokken vooraleer deze operatie te laten uitvoeren. Uw dier is nadien onvruchtbaar, dat wil niet zeggen vrij van lustgevoel.

    Mannelijke katten en konijnen gaan hierdoor meestal niet meer sproeien naast de kattenbak. Honden kunnen hierdoor minder agressie vertonen. In het algemeen worden de dieren ook wat luier. Hierdoor verdikken de dieren nogal vaak omdat ze minder actief zijn maar nog steeds dezelfde hoeveelheid voedsel aangeboden krijgen als voor de operatie. Gecastreerde dieren iets minder voedsel aanbieden of meer laten bewegen kan dit voorkomen.

    Om uw dier te laten castreren dient op voorhand contact opgenomen te worden met uw dierenarts. Deze zal u hierin begeleiden en samen met u een gepast moment uitzoeken. Lees voor de operatie nog even de informatie rondom operaties op deze website. Onder ‘Dokters en Praktijken staat een stukje tekst zodat u weet wat u wel en niet mag doen met uw dier voor en na de operatie.


    Vrouwelijke katten en honden kunnen vanaf de leeftijd van een half jaar gesteriliseerd worden. Ook konijnen, fretjes, cavia’s, enz. kunnen gesteriliseerd worden. Bij een sterilisatie van katten worden de eierstokken operatief verwijderd. Dit wordt een sterilisatie genoemd, omdat de eileiders worden afgebonden of afgesneden. Men spreekt over een castratie bij vrouwelijke dieren indien alle voortplantingsorganen worden weggenomen, zoals bij een hond waar de baarmoeder samen met de eierstokken worden uitgehaald.

    Deze ingreep is permanent en onomkeerbaar. Wees dus zeker dat u met uw dier niet verder wil fokken vooraleer deze operatie te laten uitvoeren. Soms is deze ingreep noodzakelijk. Wanneer uw dier gezwellen vertoont op de voortplantingsorganen worden deze meestal operatief verwijderd. Het dier kan zich dan niet meer voortplanten maar kan hierdoor nog vele jaren langer leven dan wanneer deze ingreep niet wordt verricht.

    Om uw dier te laten steriliseren dient op voorhand contact opgenomen te worden met uw dierenarts. Deze zal u hierin begeleiden en samen met u een gepast moment uitzoeken. Lees voor de operatie nog even de informatie rondom operaties op deze website. Onder ‘Dokters en Praktijken’ staat een stukje tekst zodat u weet wat u wel en niet mag doen met uw dier voor en na de operatie.